Begin dit jaar bezocht IJmert Muilwijk, Politiek Commisaris Economie en Financiën het land Malawi. Hieronder zijn reisverslag in anti-chronologische volgorde.
Begin dit jaar bezocht IJmert Muilwijk, Politiek Commisaris Economie en Financiën het land Malawi. Hieronder zijn reisverslag in anti-chronologische volgorde.
Dag 5
Achter in mijn stoel gedruk tijdens het opstijgen zeg ik Malawi voorlopig weer gedag. Het is een land waar ik me in zekere mate verantwoordelijk voor ben gaan voelen. We zullen zien hoe het in de toekomst met onze projecten zal gaan lopen. Uiteindelijk moeten de mensen het zelf doen. Wij kunnen hooguit kennis en financiering leveren. Dit moet echter niet leiden tot een ‘afhankelijkheidssyndroom’.
We vliegen eerst naar Zambia. Vanuit de lucht lijkt het een sterk ontwikkelde landbouw te hebben. Weer vraag ik me af waarom dat hier wel lukt. Waarschijnlijk toch weer een individu die zich ergens hard voor gemaakt heeft. Een paar uur later landen we op Nairobi. Hier neem ik afscheid van Rick. Hij gaat nog door naar Mozambique waar een andere partner zit. Ik mag zeven uur gaan wachten op een vlucht naar Amsterdam. Het is toch gek om in de stad te zitten waar momenteel de hele wereldpers over aan het schrijven is. Ik moet denken aan de voorkant van het boek van Joris Luiendijk. Daar staan tien journalisten en fotograven naast een klein incidentje in Israel. Ik zal zeker niet zeggen dat het hier in Nairobi ook zo is, maar het doet me wel beseffen dat de verslaggeving vaak een verdraait beeld geeft. Dat geldt overigens in het bijzonder voor Afrika; het continent dat door vele westerlingen nog als de grote zandbak wordt gezien. Er is echter ook heel veel goeds te melden. Maar ja, bad news is good news.
Ik ben blij om weer in Nederland aan te komen. Uiteindelijk ben ik toch een kaaskop. En wel een met heel veel interesse in politiek. De komende tijd ga ik me weer hard inzetten voor Perspectief en de ChristenUnie. Ik hoop dat dit weblog een kleine bijdrage heeft geleverd aan de vorming van je mening. Als je interesse hebt in het onderwerp kun je altijd actief worden binnen PerspectieF.
Dag 4
Na de bezoeken en overleggen van de afgelopen dagen is het vandaag de bedoeling om harde afspraken te maken. Vooraf geef ik samen met Rick aan dat wij Nederlanders zijn die een bepaalde communicatiestijl hebben in het doen van ‘zaken’. Dit is belangrijk om je van bewust te zijn. Het directe is namelijk diep in onze cultuur verweven. Op sommige momenten kan dit bedreigend of zelfs beledigend zijn in de context van een andere cultuur. Met de vertrouwensband die we met onze partners in Malawi hebben vormt dit echter geen probleem. We maken ambitieuze plannen voor de komende vijf jaar met een doorkijk naar tien jaar.
Afrika ken inderdaad veel problemen en bedreigingen. Dit brengt gek genoeg ook heel veel ontwikkelingskansen met zich mee. Ik zie heel veel mogelijkheden om met relatief simpele maatregelen economische markten te ontwikkelen. Een van de betere economen in de wereld , Jeffery Sachs, stelt in zijn boek ‘the end of poverty, hele basale vragen stelt die juist heel verhelderend zijn. Waarom is Afrika arm terwijl ze veel meer natuurlijke hulpbronnen hebben als in Nederland? Is het zo dat onze rijkdom in het westen te koste gaat van de mogelijkheden in ontwikkelingslanden? De antwoorden zijn wat moeilijk te begrijpen. Sterker nog, ik snap er helemaal niets van. Naast het macro-economisch beleid is het toch de som van alle individuele delen die de economie maken. En misschien is het wel zo dat in termen van ‘geluk’ de gemiddelde Afrikaan helemaal niet zo veel slechter af is. Toch vind ik dat we als rijken der aarde een morele plicht hebben om diegene die zelfs niet in de meest primaire levensbehoefte kunnen voorzien te helpen.
Vandaag rijden we al weer naar de hoofdstad Lilongwe. Na afscheid genomen te hebben beginnen we aan een autorit van ongeveer vijf uur. Kijkend uit het raam zie ik hoe mooi het land eigenlijk wel niet is. Toch zie ik hooguit vijf kilometer aan weerszijden. Wat speelt er zich daar hoog in de bergen af? Hoe beleven de mensen de emoties van het leven; liefde, zingeving, dood….. Misschien kom je daar als buitenstaander wel nooit achter. 's Avonds bespreek alles nog eens met Rick. Wow, in die paar dagen hebben we een paar weken gestopt.
Dag 3
Vandaag staat zowel in het teken economische ontwikkeling als evangelisatie. Afgelopen zomer heb ik de mogelijkheden onderzocht om een groep bijenhouders een honingcoöperatie te laten vormen. Vanuit een coöperatief verband kunnen kleinschalige boeren samen meer invloed uitoefenen op de verkoopprijs. Zeker als ze in plaats van honing in grootte containers het product zelf kunnen verpakken in plastic flesjes. In dit geval gaat het om ruim 600 boeren die mogelijk mee willen werken. Maar waarom zouden we hierbij helpen? Eén van de typerende karakteristieken van ontwikkelingslanden is dat de markt niet goed, of in ieder geval anders, is ontwikkeld als in westerse landen. Zo komt het vaak voor dat door gebrek aan infrastructuur producenten met een product blijven zitten. Ook is het vaak zo dat er maar enkele potentiële kopers zijn die het product komen kopen. Aangezien de kleinschalige boeren op het platteland het geld op dat moment hard nodig hebben gaan ze akkoord met de lage prijs. Het gevolg is dat ze amper kunnen investeren in uitbreiding nieuw materiaal. Kortom, er zijn allerlei factoren die er voor zorgen dat het ‘unfair trade’ genoemd kan worden. Vandaag bespreken we de mogelijkheden om zelf de honing te verwerken en vermarkten. Marketing is echter een vak apart. We kunnen niet zomaar de tussenhandel elimineren en verwachten dat we het product af kunnen zetten. Dit is iets wat bij ontwikkelingssamenwerking vaak vergeten wordt. Het zou dan ook goed zijn als ontwikkelingswerkers iets meer ‘zakenman’ zouden worden.
Een van de voordelen van honing, die mij als milieukundige erg aanspreekt, is het feit dat je de natuur een bepaalde waarde geeft. Ontbossing is in veel ontwikkelingslanden een groot probleem. Hout is nodig om op te koken. Daarnaast worden vaak stukken bos afgebrand om landbouw op te bedrijven. Bodemerosie is vaak het gevolg. Bij een flinke regenbui spoelt de vruchtbare bovenlaag weg. Wat je overhoudt is schrale grond. Daarnaast leidt ontbossing ook tot verlies aan habitat en daardoor op lange termijn tot minder biodiversiteit. Als je bijen houdt heb je de natuur nodig, omdat het als het ware de weide voor je bijen is.
Anyhow, na een paar goede afspraken over de honingcoöperatie gemaakt te hebben vervolg ik mijn dag met een bezoek aan een evangelisatiegroep. In een korte autorit vraag ik me af in hoeverre we richting moeten geven aan de ‘invisible hand’ van Adam Smith. Hij ging er vanuit de markt het beste mechanisme voor ontwikkeling is. Externe kosten van productie, zoals milieudruk, worden echter niet meegenomen door het marktmechanisme. In Malawi koopt de staat gedurende het oogstseizoen heel veel maïs en rijst op. Het idee is dat er in tijden van schaarste weer uitgedeeld kan worden. Op het eerste gezicht een goed idee. Het zorgt er echter misschien wel voor dat er geen ‘gezonde’ markt kan ontwikkelen. Veel Afrikaanse landen hebben trouwens communistische trekjes. Zo kun je in Mozambique geen grond bezitten. Je kan het voor lange periode van de staat huren. Dit maakt ondernemen in de agrarische sector tot een groot risico. Maar is het opzetten van coöperatie ook onnatuurlijke interventie?
Aan mijn overdenkingen komt wederom een abrupt einde. Ik ben aangekomen bij een ‘faith comes by hearing’ bijeenkomst. Hier laten we mensen vrijblijvend kennis maken met het evangelie. Ik zie het als zaaien in vruchtbare bodem. Uiteindelijk is het aan een persoon zelf om zijn of haar leven radicaal te veranderen. Toch is het mooi om de goede boodschap uit te dragen. s’Avonds laten we de ‘Passion of Christ’ zien. Wow, wat een indrukwekkende film is en blijft dit toch. Ik ben zelf meer van de economische ontwikkeling kant, maar dit is uiteindelijk waar het om draait. Geld is uiteindelijk maar een middel; geloof is het doel. Het is goed om mijn inspanningen weer even in perspectief te kunnen zien. Met een ambivalent gevoel loopt de dag op haar einde. Ik heb mijn batterij weer opgeladen om de komende dagen bergen te verzetten.
Dag 2
Mijn korte verblijf is gevuld met afspraken. Op weg naar het ministerie van visserij zie ik vanuit de auto een oude man langs de weg liggen die er niet al te best aan toe lijkt te zijn. Het doet me denken aan de discussies over sociale zekerheid die we het afgelopen jaar binnen de werkgroep sociaal-economische zaken hebben gehouden. In de Nederlandse verzorgingsstaat staat (of stond) één voor allen, allen voor één centraal. De overheid speelt hierbij een belangrijke rol. Hier in Malawi is het heel anders geregeld. Er is wel degelijk sprake van onderlinge solidariteit. Het is alleen niet zo geïnstitutionaliseerd door collectieve regelingen. Mensen zorgen meer voor hun directe naast. In plaats van het afdragen van maandelijkse premies voor arbeidsongeschiktheid, werkloosheid, ouderdom etc wordt hier directer zorg verleent. Op het eerste gezicht een prima systeem. Het gevaar is echter dat mensen zonder (extended) familie of kerkelijke gemeenschap buiten de boot vallen. Was dit het geval met de man langs de weg? Ik zal het nooit weten. Het laat me wel de kritiek op de zogenaamde ‘anonieme solidariteit’ relativeren. Liever anonieme solidariteit dan het tussen wal en schip vallen van een paar individuen.
Bij het ministerie van visserij hebben we het over de toekomst van tilapia kweek in zelf gegraven visvijvers. Tilapia is een vissoort die redelijk makkelijk te kweken is en tevens een hoge voedingswaarde heeft. Malawi ligt aan een meer ter grootte van Nederland. Dit meer is altijd een bron van vis geweest. De natuurlijke populatie tilapia is echter snel aan het dalen. De verwachting is dat dit in de toekomst nog sterker toe zal gaan nemen. Het opstarten van viskweek is daarom van cruciaal belang. Ontwikkelingslanden worden echter gekarakteriseerd door een minder sterk ontwikkeld marktmechanisme. Dit betekent dat er op een bestaande of toekomstige vraag niet autonoom een aanbod ontwikkeld. Daarom zijn bepaalde impulsen nodig. De overheid kan hier een rol in spelen. Door de beperkte middelen is bijstand van ontwikkelingsorganisatie ook nodig. Het idee is om de sector een duwtje in de rug te geven zodat het later op eigen kracht werk. We spreken daarom af om de komende twee jaar trainingen te gaan verzorgen en ondersteunende middelen beschikbaar te stellen.
's Middags bezoek ik het rijstproject waar ik me deze zomer veel mee bezig gehouden heb. Het idee is om boeren een goede prijs te geven voor de rijst door het te malen, op te slaan en op de juiste tijd op de markt te brengen. Wij kunnen het ons niet voorstellen dat er in bepaalde seizoenen producten (die op zich goed houdbaar zijn) gewoon niet te koop zijn. Als politiek commissaris economie binnen Perspectief houdt ik me ook bezig met de randvoorwaarden die de overheid moet scheppen voor duurzame economische ontwikkeling. Vaak is het de ‘invisible hand’ die het werk doet. Soms moet de Staat ingrijpen. In Malawi is er een staatsbedrijf dat maïs en rijst opkoopt gedurende de oogsttijd. De bedoeling is dat het weer verkocht wordt in tijden van schaarste. Op die manier kunnen hongersnoden voorkomen worden. De realiteit is dat het voor een te lage prijs gekocht wordt. Daarnaast is het dit jaar zo dat er maïs verkocht is aan Zimbabwe waardoor binnenlandse tekorten dreigen.
In de avond heb ik een gesprek met een potentiële toekomstige project manager. Vaak zijn naast financiële middelen de ‘human recourses’ een limiterende factor. Mensen met kennis en inzicht die ook nog te vertrouwen zijn blijken moeilijk te vinden. Hiermee zeg ik niet dat er minder potentie is in Malawi. Het onderwijs is echter niet zo sterk ontwikkeld als in Nederland. Slechts een select groepje gaat naar het middelbaar onderwijs. Het is een soort vicieuze cirkel: door gebrekig onderwijs lage economische ontwikkeling - door lage economische ontwikkeling gebrekkig onderwijs. Ook hier ligt een rol voor ontwikkelingsorganisaties. Het begint echter bij inzet van het donorland zelf.
Na drie druk gevulde dagdelen gaat bij mij het lichtje uit. Ik haal het nog net naar mijn bed. Het is mooi om te zien dat het werk van deze zomer echt haar vruchten afgeworpen heeft. Kleine successen zijn soms van doorslaggevend belang in een groter ontwikkelingsproces. Ik vind het geweldig dat ik bij kan dragen aan deze ontwikkeling.
Dag 1
Met een snelheid tegen de duizend kilometer per uur schieten landen onder mij door.
Vliegen zeker niet mijn favoriete bezigheid. Ik moet echter toegeven dat het wel een nieuw perspectief op grenzen geeft. Met een fel debat over Europese eenwording in mijn achterhoofd bekruipt mij nu een gevoel van ruimtelijke betrekkelijkheid. Een gevoel dat ik niet een twee drie rationeel kan plaatsen. Het balanceert ergens tussen oppervlakkigheid en overzicht. Na wat verdere overpeinzingen over Europa en haar toekomst maak ik een soepele spong over de middellandse zee naar Afrika. Even lijken de verschillen niet zo groot. Tot ik me realiseer dat ik binnen een uur in Nairobi zal aankomen. Dit land zonk in een gewelddadige chaos na de omstreden presidentsverkiezingen, eind december. Misschien voltrekken zich vlak onder mij wel rellen. Voor mij zal Nairobi alleen een overstapstad zijn, voor andere is het de bittere realiteit.
Anyhow, ik ben samen met collega Rick op weg naar Malawi. Een land dat mijn hart gestolen heeft in de tijd die ik daar deze zomer doorbracht. Het is een land dat op het eerste gezicht idyllisch aandoet. Met prachtige natuur en aardige mensen lijkt het een oase in Afrika. Schijn bedriegt echter. Zeker in de maanden van februari tot april is er voedselschaarste. Vanuit het vliegtuig zie ik grote stukken onontgonnen land afgewisseld met kleine maïsveldjes. Weer stel ik mezelf de vraag hoe een land met zo’n enorm potentieel wat betreft natuurlijke hulpbronnen het toch niet voor elkaar krijgt om iedereen te voeden. Aan mijn overdenkingen komt een abrupt einde. Met een harde klap landen we in Lilongwe, de hoofdstad van Malawi. Na een fijne hereniging met onze ontwikkelingspartners vervolgen we onze reis naar Mzuzu in het noorden van Malawi.
Zes uur later zitten we al met het bestuur van Mzenga Evengalism and Development Trust om tafel. Dit is onze partner organisatie die een dubbel doelstellingen nastreeft. Enerzijds staat get stimuleren van economische ontwikkeling door diversificatie van economische activiteiten centraal. Anderzijds wordt er aan evangelisatie gedaan door een programma “Faith comes by hearing”. Hierdoor wordt mensen op een vrijblijvende manier aangeboden om van Jezus te horen. Na een kort strategisch overleg en planning voor de komende dagen strompel ik naar mijn bed. Een beetje moe, maar voldaan.
Voor vertrek
Afgelopen zomer heb ik het voorrecht gehad om naar Malawi af te mogen reizen om daar plannen uit te werken voor agrarische ontwikkeling. Bij mijn vertrek in augustus heb ik de locale bevolking plechtig beloofd ooit terug te komen. Nu, nog geen half jaar later, wordt ik weer uitgezonden. Vorig jaar reisde Margreet Schutte van Perspectief al af naar Malawi om daar HIV/ AIDS projecten te bezoeken. Deze ervaringen heeft ze via een boeiend weblog met ons gedeeld. Ook vanuit mijn functie als politiek commissaris economie binnen Perspectief is het belangrijk om over onze landsgrenzen heen te kijken. Daarom zal ik gedurende deze korte reis een weblog bijhouden.
Malawi is ongeveer 3 keer zo groot als Nederland en daarmee een relatief klein Afrikaans land. Het jaarlijkse inkomen per hoofd van de bevolking ligt rond de $150. Dat is iets wat voor ons Nederlands ondenkbaar is. Toch is het daar realiteit. Gelukkig zijn er ook heel veel goede ontwikkelen te melden. Zo zijn er diverse economische ontwikkelingen van de grond gekomen de afgelopen jaren. Ik heb me deze zomer bezig gehouden met het adviseren over rijstteelt, tilapia (vis) kweek en honing productie. Vanuit mijn voormalige opleiding ‘plattelandsontwikkeling’ had ik hier wat ervaring mee opgedaan. De praktijk is echter vaak grillig. Waarom is Afrika eigenlijk zo arm? Zijn de mensen daar anders als ‘wij’ hier?
Binnen deze reis staat de economische toekomst planning voor een gebied in Noord Malawi centraal. We gaan samen met alle betrokken mensen bekijken hoe we een duurzame economische ontwikkeling kunnen realiseren. Hierbij komen allerlei moeilijke vragen naar boven. In feite is het niet heel veel anders als politiek. Het gaat uiteindelijk om het uitstippelen van een duidelijk beleid waarin strategische en operationele doelen vastgesteld worden. Vervolgens komt de middelen discussie pas. Dit is iets wat in het verleden vaak verkeerd om gedaan is. Even een pot geld droppen werkt niet. Kennis, visie en draagkracht is namelijk ook van essentieel belang. Door schade en schande worden we wijzer in ontwikkelingssamenwerkingland. Daarom is het van belang om zoveel mogelijk ervaringen uit te wisselen. Hopelijk draagt dit weblog daar ook aan bij. Veel plezier met lezen.