« Terug

Interview met kandidaat-Voorzitter Jens Mostert

5.pngwoensdag 15 juni 2022

"Ik kan een beetje idealistisch overkomen"

Redacteur: Nathan Kramer

Een week geleden werd op de TU-campus een nieuw gebouw geopend. Wanneer ik er binnenkom is het er totaal leeg: het ruikt naar linoleum en de enkele koffievlek die de vloer wat karakter geeft. Jens belt met de mededeling dat zijn band lek is: ik wacht en inspecteer het meubilair, op zoek naar een stopcontact. Vanuit de hoek komt Jens aangelopen, we gaan zitten op de pastelroze loungestoelen en praten bijna een half uur.

Wie ben je?

“Ik ben Jens Mostert, 20 jaar oud, en studeer werktuigbouwkunde aan de TU Delft. Daarnaast ben ik christen en lid van Civitas Studiosorum Reformatorum Delft, wat ik allemaal met veel plezier doe. Verder ben ik nu een jaartje lid bij PerspectieF, waar ik me onder andere als politiek adviseur heb ingezet en komend jaar ga ik mijn tijd gebruiken om me volledig in te zetten voor PerspectieF als voorzitter.”

Hoe ben je ooit bij PerspectieF terechtgekomen?

“Dat was in de zomer van 2020, toen ik voor een periode van zes weken in vluchtelingenkamp Moria verbleef. Het werk wat ik daar zelf deed had eigenlijk niks met politiek te maken; ik werkte aan een indeling van het kamp om het meer te structureren. Maar tegelijkertijd dat je daar mee bezig bent ben je wel dag in, dag uit in dat kamp en zie je alle ellende daar. Dat was best wel ingrijpend, er waren op dat moment zo’n twaalfduizend mensen, waarvan ongeveer 45% kind, terwijl er slechts plaats was voor enkele duizenden.

Dus je was aan het eind van elke avond continu beslissingen aan het maken: wie van de zwangere vrouwen moest buiten slapen? Daar heb ik echt een pijnlijke kant van de politiek gezien.”

“Maar als je iets hieraan wilt veranderen kom je wel bij de politiek terecht.

Terug in Nederland had ik een groot gevoel van urgentie om iets te doen met de vluchtelingen of met de maatschappij in het algemeen, zo ben ik bij PerspectieF terechtgekomen.”

Stel dat PerspectieF niet bestond, bij welke PJO was je dan beland?

“Dat is nog best lastig. Bij de ChristenUnie heb ik gewoon veel gelijkgezinden gevonden die met dezelfde motivatie iets willen veranderen, gecombineerd met een sterke smaak van realisme. Iedereen binnen de partij realiseert zich ook dat de samenleving niet maakbaar is. Dus het christelijk-sociale gedachtegoed trekt me heel erg.”

Dus je zou niet naar een andere partij zijn gegaan indien de ChristenUnie niet bestond?

“Nee, mijn visie is echt christelijk gedreven.”

Heb je een politiek voorbeeld?

“Jazeker: Eppo Bruins. Gewoon vanwege zijn expertise: de sterke technische achtergrond, de scherpte. Dat vind ik zeker inspirerend.”

Zijn er onderwerpen waar je je meer in zou willen verdiepen?

“Klimaatbeleid is iets waar we veel meer mee moeten doen, maar daarbij moeten we ook opletten dat het voor minimagezinnen betaalbaar blijft. Ik kan me nog wel een vegetarische hamburger veroorloven, maar dat geldt niet voor iedereen. De sociale ongelijkheid raakt mij ontzettend: het feit dat men niet meer normaal kan rondkomen, aan een huis kan komen, daar gaat iets ontzettend fout.”

Het klimaatbeleid vat je breed op.

“Ja, inderdaad. En dit zie je bij migratie, maar ook zeker bij klimaat: een echte visie ontbreekt, veel politiek houdt zich enkel bezig met brandjes blussen. En ook door social media en Kamerleden die direct moeten reageren wordt dat aanmodderen ook enorm gestimuleerd. Ik hoop dat je daar als christelijke partij tegenwicht in kan bieden. Ons idee werkt al meer dan tweeduizend jaar.”

Even een voorbeeld: zou je ja zeggen bij een talkshow waar je recht tegenover iemand wordt opgezet in zo’n frame?

Jens denkt even na over zijn antwoord: “Ja. Het is weer een kans om datgene waarvan jij echt gelooft wat goed is te kunnen vertellen. Wel hoop ik dat je dan goed genoeg geïnformeerd bent om er een net antwoord te kunnen geven. Ik heb echt een hekel aan een journalist die een vraag stelt, maar vooral hengelt naar een vooringenomen antwoord. Maar ik denk dat het bieden van informatie goed kan lukken binnen PerspectieF. We hebben ontzettend veel mensen met expertise, mensen die intrinsiek geraakt zijn door iets. Dus in zo’n situatie val ik wel terug op werkgroepen en individuele leden.” 

Er zijn ook PJOs die ‘het gezichtje’ naar voren schuiven en niet het onderwerp.

“Ja, klopt. En ik denk dat wij als ChristenUnie daarbij ook een goede insteek hebben. Je bent maar heel even dat gezichtje, maar niet de hoofdpersoon als voorzitter. Dat zie je ook terug in de rest van de organisatie.” 

Over enige tijd ben je ook weer voorzitter af, wat zie je daarna voor je?

“Hopelijk na dit jaar mijn bachelor afronden. En het hangt ook simpelweg af van wat er in deze twee jaar gebeurt binnen de functie. Daar ben ik open en realistisch in.”

Het valt me op dat je meermaals het woord ‘realisme’ hebt laten vallen in je antwoorden.

“Ja, ik kan een beetje idealistisch overkomen. Misschien is dat mijn technische achtergrond.”

Heb jij nog dingen die je gezegd wil hebben?

“Ik merk dat er binnen christelijk studerend Nederland nog veel meer jongeren zijn die iets willen doen. Ik hoop dan ook in de komende jaren dat we er nog meer mensen bij kunnen betrekken. Niet vanuit een soort expansiedrift, maar een beetje zichtbaarder kunnen zijn zou goed zijn. Dat ze weten dat we er zijn, dat ze bij ons kunnen aankloppen, om zo weer extra feedback te hebben en een extra toets voor het beleid kunnen zijn.”

Hoe zie je concreet die opgave van zichtbaarheid voor je?

“Bijvoorbeeld op christelijke jongerencongressen te staan en doelgerichte sociale mediacampagnes op te zetten, hoewel daar ook principieel dingen op tegen zijn. Het CDJA deed zoiets onlangs dacht ik, maar goed, wij hebben het betere verhaal.”